De LAAC is met zijn tuin van sculpturen, water,
steen en wind, een plaats voor hedendaagse kunst en actie,
voor het ontmoeten van een publiek en kunst door middel
van een programma van tentoonstellingen en
evenementen voor iedereen.

De LAAC is ontstaan dankzij de schenking van een uitzonderlijke collectie werken van 20ste eeuwse kunstenaars aan de stad Duinkerken, op initiatief van Gilbert Delaine, stichtend voorzitter van de vereniging L'Art contemporain (hedendaagse kunst), gesteund door zestig bedrijfssponsors in de jaren 1970 en 1980. Vandaag presenteert LAAC elk jaar twee grote tijdelijke tentoonstellingen, vier tentoonstellingen van grafische kunsten, samen met een selectie van meer dan tweehonderd werken uit de collectie "Les Incontournables" (essentiële werken) en de beeldentuin.

 

    

LAAC, naoorlogse kunst tot op de dag van vandaag

Het LAAC is een uniek museum in Frankrijk dat een panorama van de kunst van 1945 tot 1980 aanbiedt dankzij een collectie van meer dan 2000 werken. Het oriënteert zijn cultureel beleid in aanvulling op de projecten van het FRAC. Het tentoonstellingsprogramma wordt georganiseerd rond de kunstenaars van die tijd zoals Yves Klein, Marie Raymond, Olivier Debré, Anthony Caro, Jaques Doucet, Jean-Michel Meurice … Specifieke vragen over de periode of over bepaalde bewegingen "Poétique d'objets" (Poëzie van objecten), "Every body", "Cobra", "Cosmos, silence on tourne!" (Kosmos, stilte, we draaien!) maken integraal deel uit van de artistieke lijn die LAAC van plan is te ondersteunen.

Het museum staat open voor hedendaagse creatie door actuele werken te laten maken of te presenteren, in dialoog met de collecties of projecten: Bertrand Gadenne, Étienne Pressager, Séverine Hubard, Sarah Sze, William Eggleston, Bernard Moninot, Bernar Venet, Maya Hayuk…

Via de triënnale GIGANTISM – Art & Industrie die LAAC samen met het FRAC Grand Large-Hauts-de-France heeft gecreëerd, is het museum op zijn grondgebied verankert en organiseert het samenwerkingsverbanden tussen de economie en internationale artiesten.

LAAC is ook....

Het enorme kunstenkabinet waar de bezoeker de ruimte overneemt en tweehonderd tekeningen en prenten ontdekt door met lades en verschuifbare meubels te spelen.

  • In de literaire, fotografische en filmdocumentatieruimte "Doc&co" kunnen bezoekers hun bezoek voortzetten en de kunstenaars en werken leren kennen.
  • Via deze ruimte probeert het museum een zo breed mogelijk publiek aan te spreken.
  • Veel evenementen, vergaderingen, conferenties, voorstellingen, concerten om elkaar te ontmoeten en die hier of op onze netwerken hier beschreven worden.

En op zondag is het museum gratis toegankelijk!

LAAC voor iedereen

In 2018 werd LAAC bekroond met de prijs "Osez le musée", (bezoek eens een museum) een nationale prijs voor zijn initiatieven om een zo breed mogelijk publiek aan te spreken.

De LAAC is een gemoedelijke plek, een plaats waar mensen elkaar ontmoeten, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten, waar ze met familie of vrienden, alleen of in groepjes, met elkaar kunnen discussiëren en van gedachten kunnen wisselen.

Met een workshop voor een jong publiek, een auditorium, een geweldig forum, een lounge met verkopers en een team tot uw beschikking.

LAAC in synergie

LAAC en FRAC - Grand-Large - Hauts de France vormen samen het Centrum voor Hedendaagse Kunst van Duinkerken en hebben gezamenlijk het initiatief genomen tot de oprichting van een triënnale "Gigantisme – Art et Industrie" (Gigantisme – Kunst en Industrie) waarvan de eerste editie in mei 2019 heeft plaatsgevonden. Ook buiten de muren van het museum oefent de LAAC met dit evenement zijn invloed uit, zoals in hal AP2 naast het FRAC of op de boot Le Texel.

LAAC werkt ook binnen een netwerk van culturele actoren, plaatsen van distributie of meervoudige creatie, het CIAC van Bourbourg, het Cultureel Centrum Château Coquelle, de Robespierre Grande-Synthe-galerij, het Learning Center ville durable (duurzame stad) … om na te denken over het gebied en de banden met de rest van het land.

In nauwe samenwerking met de musea van de regio legt LAAC ook bevoorrechte banden met instellingen in Frankrijk en Noord-Europa – CNAP, MNAM/CCI, musea in Nice, Saint-Étienne, Dôle, Nantes, Les Sables d'Olonne, Bordeaux, het S.M.A.K. in Gent, het CoBrA-museum in Amstelveen en tal van kunstenaarsstichtingen ... Het museum draagt dus volop bij aan de nationale en internationale uitstraling van de streek.

   

"Een plek van ontmoetingen, dat is wat de tuin eigenlijk is. Het is de bevoorrechte plek waar je tijd hebt, waar je de tijd neemt. De tijd om te kijken, het zand onder je voeten te voelen, om een heerlijk ruikende plant tussen je vingers te wrijven, de tijd om een paar woorden uit te wisselen, een werk te bekijken, de tijd om soms stil te zijn. " — Gilbert Samel

 

GESCHIEDENIS

De industriële vooruitgang en het moderne karakter van Duinkeren in de jaren 1970 inspireerden de ingenieur Gilbert Delaine om de plek een geheel nieuwe culturele bestemming te geven. Hij geraakte in de ban van de hedendaagse kunst van de kunstenaars Arthur Van Hecke en Ladislas Kijno. Vanaf dat moment zou hij nooit meer stoppen met reizen om tentoonstellingen te ontdekken en kunstenaars te ontmoeten.

Hij is geobsedeerd door een droom. Gilbert Delaine stelt zich een museum voor zijn stad voor, een plaats van kunst die de meest hedendaagse artistieke creaties zou tonen, een spiegel van de permanente vernieuwing van Duinkerken.

In 1974 overtuigde Gilbert Delaine zestig bedrijven ervan om financiële steun te geven aan dit ambitieuze project en richtte hij de vereniging L'Art contemporain op. Het maakt zo de geboorte van een collectie en een museum mogelijk.

In 1979 werd de beeldentuin, ontworpen door Gilbert Samel en de kunstenaar Pierre Zvenigorodsky. In datzelfde jaar legde men de eerste stenen van de modernistische architectuur van het museum, ontworpen door Jean Willerwal. De gekozen locatie ligt vlak bij een gigantische werf, een "landschappelijk evenement" met gebouwen, enorme kranen en duizenden arbeiders ...

Het gebouw is gebaseerd "op intuïtie, passie en liefde meer dan op regelgevende teksten!" — Jean Willerwal